ECD-markt in beweging

ECD-markt in beweging


19 maart 2014

De ECD-markt in de VVT-sector (verpleging, verzorging en thuiszorg) kent een relatief groot aantal spelers. De markt is bovendien sterk in beweging door alle veranderingen in de ouderen- en thuiszorg.

Bij dit overzicht van de ECD-markt in de VVT-sector zijn we uitgegaan van de 50 grootste VVT-instellingen in Nederland. Het overzicht is samengesteld door adviseurs van M&I/Partners op basis van marktkennis, nieuwsberichten en een belronde langs de verschillende instellingen.

Het grootste deel van de VVT-instellingen levert zowel diensten (ondersteuning, verzorging en verpleging, behandeling en woondiensten) bij cliënten thuis als in een intramurale setting. Slechts een klein deel levert alleen diensten bij cliënten thuis. Het inzetten van applicaties in het zorgadministratieve deel (binnenhalen en verwerken van diverse soorten legitimaties, cliënt- & zorgadministratie, declareren en verantwoorden) is al geruime tijd gemeengoed in de VVT-sector.

De afgelopen jaren zijn deze applicaties doorontwikkeld voor de ondersteuning van de dbc-systematiek voor de geriatrische revalidatie en voor de ondersteuning van het primaire zorg- en behandelproces. Vanaf dat moment is de term elektronisch cliëntendossier (ECD) in gebruik gekomen.

De ECD-markt kent een relatief groot aantal spelers. In de top-50 van VVT-instellingen komen we 12 verschillende ECD’s tegen. Naast de ECD’s die gebruikt worden bij de ‘top-50-instellingen’ zien we bij de kleinere instellingen ook Residentweb van TTS (die ook dit jaar met een compleet nieuw ECD komt), Careview van Simac en Vinova van VCD (een geheel nieuw ECD). Marktaandeel Uit onze analyse blijkt dat PinkRoccade met een marktaandeel van 35 procent in de top-50 van VVT-instellingen veruit marktleider is met mijnCaress. Nedap, Cegeka en Unit4 volgen met een marktaandeel van respectievelijk 13 tot 7 procent. Dit roept de vraag op hoe PinkRoccade in staat is geweest zo’n dominante rol te verwerven bij de 50 grootste instellingen? Het feit dat PinkRoccade met mijnCaress al marktleider was met een applicatie voor de cliënt- en zorgadministratie biedt een belangrijk deel van de verklaring. PinkRoccade is als enige leverancier erin geslaagd een ‘blijver’ te zijn op de markt. Daarnaast is het PinkRoccade gelukt om met de dossierontwikkeling zelfs verder te groeien. MijnCaress is een brede generieke oplossing die veel ruimte biedt voor een instellingseigen inrichting met een operationeel cliëntenportaal. Het is geschikt om mee te werken op pc’s, laptops, tablets en smartphones. En daarmee lijkt MijnCaress aan te sluiten bij de behoeften van een groot aantal instellingen.

Andere leveranciers van het eerste uur (Cegeka en Centric) hebben de slag gemist vanaf de dossierontwikkeling of hebben louter hun marktaandeel kunnen behouden (de Heer Software en Unit4). Van de tweede generatie leveranciers (Cormel IT, Nedap, Adapcare en TTS) heeft Nedap de grootste slag gemaakt. Met name het interactive userdesign van het ECD ONS heeft daaraan bijgedragen.

De ontwikkeling van cliëntserver-oplossingen naar SaaS-oplossingen (Software as a Service) heeft ook zijn intrede gedaan in de ECD-markt. Alle leveranciers leveren min of meer SaaS-achtige oplossingen en sommige oplossingen zijn zelfs alleen in deze vorm af te nemen. De oplossing van Nedap is hierbij het meest beproefde SaaS-concept. Alle Nedap-implementaties zijn Saas-implementaties.

De instellingen in de top-50 kiezen vaak voor bewezen oplossingen en een ECD en leverancier met een relatief grotere omvang. Deze leveranciers vinden hiermee dus een betere aansluiting bij de top-50-instellingen dan leveranciers met een kleinere omvang. Wij verwachten dat de kleinere instellingen vaker kiezen voor een leverancier met ECD van een beperktere omvang zoals Fontaneda, LabelCare en Cormel IT.

Oplossingen

Pink Roccade Healthcare is met afstand marktleider binnen de top-50 en biedt met MijnCaress een volledige oplossing voor administratieve, zorg- en behandelprocessen. Nedap Healthcare vindt haar oorsprong in de tijdregistratie en focust sterk op een positie in de wijkzorg met haar totaaloplossing voor zelfsturende teams. Met het ECD richt Nedap zich echter zowel op de wijkzorg als op de zorg binnen instellingen. Met Carenzorgt is Nedap de leverancier met het meest ontwikkelde cliëntportaal. Cegeka heeft ervoor gekozen een geheel nieuw cliëntendossier te ontwikkelen toen de vorige versie onvoldoende bleek aan te sluiten bij de eisen en wensen van de instellingen. Unit4 Cura en Plancare van de Heer Software zijn oplossingen die al vanaf de begintijd in gebruik zijn bij instellingen. Naast de administratieve kant zijn ze doorontwikkeld naar het primaire proces.

QIC van Cormel IT Services zit midden in een moderniseringsslag en levert gefaseerd al vernieuwde modules op voor hun bestaande klanten. Cormel verwacht in de loop van dit jaar een geheel vernieuwde QIC op de markt te brengen. Pluriform Zorg van Adapcare is geheel ontwikkeld vanuit een ERP-gedachte op basis van de koppeling van het zorgproces aan het administratieve proces. Doordat zorgmedewerkers in het ECD werken, wordt de administratie gevoed. Het ‘oude’ TIS is na overname van TCM door Centric omgebouwd naar de nieuwe Key2Zorg-applicatie. De overgang van bestaande klanten naar dit nieuwe ECD vindt de komende periode plaats.

De applicaties van ECare zijn in eerste instantie ontwikkeld voor de wijkzorg maar bieden samen met de modules Acasa en Incase ondersteuning voor het gehele proces (administratie plus zorg), zowel binnen de instellingen als in de wijkzorg. Daarbij ligt de focus binnen de intramurale setting voornamelijk op de ondersteuning van kleinschalige woonvormen. QZorg van Prodware (tot halverwege 2013 bekend als Qurius) is net als Unit4 Cura van Unit4 en Pluriform Zorg van Adapcare onderdeel van een bredere ERP-suite. Fontaneda (eerder bekend onder ZorgPlus Systemen) richt zich met M3 op een Integraal Zorg Managementsysteem. Lable Care is uitsluitend gericht op het ondersteunen van de zorgprocessen in het zorgleefplan, maar bevat geen functionaliteit ter ondersteuning van het zorgadministratieve werkproces.

Nieuwe ontwikkelingen

De eerste stappen op het gebied van de doorontwikkeling van de ECD’s zagen we terug in het ontwikkelen van het zorgdossier. Methodieken in het zorgdomein zoals het door Actiz ontwikkelde Zorgleefplan met de vier domeinen (mentaal welbevinden, lichamelijk welbevinden, interesse en sociale contacten en woon- en leefomstandigheden), SAMPC (Somatiek, ADL/mobiliteit/aanpassingen, Maatschappelijk/ geestelijk/sociaal functioneren, Psychisch functioneren en Communicatie) en SOEP (Subjectief, Objectief, Evaluatie en Plan) zien we terug in de diverse ECD-oplossingen, wat niet betekent dat het niet mogelijk is een andere, instellingseigen methodiek in te richten.

De specialist ouderengeneeskunde heeft binnen een instelling over het algemeen een apart medisch dossier (met aparte autorisatie) en gebruikt een elektronisch voorschrijfsysteem al dan niet gekoppeld aan het ECD. De generieke ECD's bieden meestal de mogelijkheid om een apart medisch dossier in te richten, waarbij de informatie die nodig is voor het multidisciplinair werken uiteraard gedeeld wordt. Specifieke ondersteuning voor dit artsendossier in de vorm van het werken met standaarden van bijvoorbeeld de NHG en elektronisch voorschrijven als integraal onderdeel is slechts bij enkele leveranciers aanwezig (Cormel IT).

Koppelen met voorschrijfsystemen is veelal wel mogelijk. Nadat het ECD is ingericht en geïmplementeerd in de zorgen behandelprocessen rijst de vraag hoe deze registraties te koppelen aan cliëntplanning,  capaciteitsplanning en kostprijsberekeningen. Meer en meer ontstaan nu geïntegreerde oplossingen voor planning, roosteren en daaraan gekoppeld kostprijsmonitoring. Nieuw in de selectietrajecten is de interesse voor een cliëntportaal. Werd dat enkele jaren geleden nog als een leuk ‘extratje’ gezien, nu wordt de leverancier kritisch bevraagd op zijn visie hierop. Dit is een gevolg van de maatschappelijke verschuivingen van professionele ondersteuning naar mantelzorg en van wonen in een instelling naar langer thuis wonen. Het sociale netwerk rondom een client wordt belangrijker, communicatie tussen mantelzorger en professional gaat verder dan elkaar informeren. Een cliëntportaal waarin ook de cliënt een actieve rol speelt, zijn of haar agenda kan bekijken en (al dan niet met beeld) communicatie kan hebben met  verwanten en  zorgverleners is niet meer ver weg.

Integratie

Daar waar eerst nog heel bewust gekozen werd voor een zorgadministratiesysteem voor de intramurale zorg met andere applicaties ter ondersteuning van de wijkzorg (planning & urenregistratie) kiezen instellingen, onder andere gestimuleerd door de extramuralisering, steeds vaker voor één oplossing die het gehele domein moet afdekken. De verschuiving van de AWBZ naar de Wmo en de Zvw maakt dat cliënten vaak meerdere financieringsvormen hebben en ook daarvoor is behoefte aan één geïntegreerd systeem.

Een andere belangrijke discussie binnen instellingen betreft de mate waarin geïntegreerde dossiervoering plaatsvindt. Op basis van specifieke ondersteuningsvragen van behandelaren binnen instellingen zien we dat naast het integrale zorgdossier regelmatig gekozen wordt voor een koppeling met Ysis van Gerimedica. Ysis richt zich uitsluitend op het ondersteunen van behandelaren in de chronische zorg.

De generieke ECD's bieden wel de mogelijkheid om aparte behandel- of werkplannen op te nemen in het dossier, maar leveren geen inhoudelijke handreikingen. Niet alleen worden de ECD’s qua functionaliteit voor de interne bedrijfsvoering rijker, ook het aantal doelgroepen en gebruikers groeit. In toenemende mate zijn instellingen onderdeel van een zorgketen of zijn ze voor de toestroom van cliënten afhankelijk van andere zorginstellingen. Een dossier voeren kan daarom niet zonder een goede uitwisseling van informatie.

We zien dat ECD-leveranciers nog aan de vooravond staan van integratie met bestaande standaarden en mechanismen voor dossiervorming (hoewel het verpleegkundig dossier veelal wel volgens geldende standaarden wordt opgezet). Behalve zorgverleners, artsen en paramedici gaan mantelzorgers, familie en − na de verdere decentralisatie van zorgdiensten naar de gemeenten − welzijnsorganisaties, vrijwilligers en zo mogelijk nog anderen een rol spelen in het zorgproces voor de cliënt. Cliëntportalen en samenwerkingsportalen in de keten zijn in meer en mindere mate onderdeel van de huidige ECD’s. Grootschalig worden ze echter nog niet ingezet. En een echte elektronische oplossing voor het dossier bij de cliënt thuis, waarmee multidisciplinaire communicatie plaatsvindt met huisarts en andere hulpverleners, is nog niet gevonden.

Selectie

De selectietrajecten voor een nieuw ECD zijn vaak het gevolg van de wens met een elektronisch zorg- en behandeldossier te starten. Toegankelijkheid, kwaliteit van zorg en registraties en efficiëntie zijn motivaties op basis waarvan een ECD wordt ingevoerd. Ook de toename van het aantal financiers (naast zorgkantoor ook gemeenten, zorgverzekeraars en in toenemende mate de cliënt of diens familie zelf) wat een flexibel facturatie-, declaratie- en verantwoordingssysteem belangrijk maakt, is een belangrijk argument om opnieuw te kiezen. Steeds vaker stelt een financier naast de financiële verantwoordingseisen ook eisen aan inhoudelijke registraties, zoals bijvoorbeeld een stappenplan voor fysiotherapie. In een aantal gevallen spelen fusies een rol waardoor een instelling de werkprocessen wil stroomlijnen en het aantal applicaties in de instelling wil terugbrengen.

Bij de selectie van een nieuwe applicatie is de aanpak vaak een van de volgende: men is tevreden over de wijze waarop de basisadministratie functioneert en kijkt in eerste instantie of de applicatie die men hiervoor gebruikt voldoende aansluit bij de eisen en wensen voor het zorg- & behandelproces. Wanneer dit onvoldoende aansluit wordt een breder selectietraject in gang gezet. Wanneer meerdere systemen in huis zijn (voor intramuraal en extramuraal) wordt gekeken in hoeverre een van deze systemen het gehele proces kan ondersteunen. Blijkt dit niet het geval te zijn, dan wordt een breder selectietraject in gang gezet. Een aanbestedingstraject waarin meerdere partijen worden uitgenodigd, wordt in gang gezet. Naast de functionaliteit spelen andere aspecten een rol in de selectie van een nieuw ECD.

Instellingen kiezen liefst voor beproefde oplossingen. Goede of slechte ervaringen met de huidige applicatieleverancier spelen een rol. En verder bepalen interoperabiliteit, standaardisering, schaalbaarheid en gebruiksvriendelijkheid mede de keuze voor een ECD.

Meer kennis opdoen over ECD's in de care →




Bron: ZorgvisieICT


Verbeter de zorg én het contact tussen medewerker en cliënt met nieuwe toepassingen!



M&I/Partners gebruikt cookies en verzamelt daarmee informatie over het gebruik van de website onder andere om deze te analyseren en te verbeteren. Door gebruik te maken van deze website, geeft u akkoord te zijn met het gebruik van cookies.
Sluit deze melding