Strategische keuzes voor een pgd in de care

Strategische keuzes voor een pgd in de care


01 maart 2017 - Bron: Zorgvisie ICT

Zorgvisie ICT - Een persoonlijk gezondheidsdossier (pgd) ondersteunt mensen om de regie te nemen over hun eigen gezondheid en over de geboden zorg. Wanneer een zorgaanbieder besluit een pgd aan te bieden aan zijn cliënten, zal hij daarvoor strategische afwegingen maken. De strategische keuze is vervolgens bepalend voor de manier waarop een pgd wordt ingezet.

De Nederlandse Patiëntenfederatie publiceerde al in 2013 haar visie op het pgd. In een pgd kan iemand de eigen gezondheidsgegevens die hij belangrijk vindt, verzamelen evenals de informatie van artsen en andere zorgverleners. De persoon beheert zelf het dossier en bepaalt met wie hij welke informatie deelt. Wanneer zorgaanbieders cliënt- of patiëntinformatie uit hun systemen, zoals het elektronisch cliëntendossier, beschikbaar stellen aan een pgd, kan ook informatie tussen zorgaanbieders uit verschillende organisaties uitgewisseld worden. Denk bijvoorbeeld aan medische informatie van een huisarts of specialist. Een pgd helpt mensen om regie te nemen over hun eigen gezondheid en over de geboden zorg.

Verschil tussen een pgd, ECD en cliëntenportaal
Ook in een elektronisch cliëntendossier (ECD) en een cliëntenportaal worden informatie over een cliënt digitaal vastgelegd en gedeeld met zorgverleners en soms ook met de cliënt. Het verschil tussen pgd, ecd en cliëntenportaal is bij wie de controle ligt en voor wie de informatie primair bedoeld is. Bij een pgd heeft de persoon zelf de controle over zijn dossier. Bij een ECD of een cliëntportaal heeft de zorgaanbieder de controle. En kan de cliënt in meer of mindere mate meekijken.
Een ECD wordt gebruikt in organisaties voor langdurige zorg en is bedoeld om medewerkers te ondersteunen bij hun werk. In een ECD staan de doelen die men met een cliënt wil bereiken, de afgesproken zorg, testuitslagen, diagnose en uiteraard ook gegevens om de geleverde zorg te kunnen factureren en te verantwoorden.


Een cliëntenportaal wordt ook beheerd door de zorgorganisatie, maar is bedoeld om de cliënt en diens naasten te informeren over de zorg. De ontwikkeling van cliëntportalen gaat snel. Steeds meer zorgorganisaties bieden een cliëntenportaal aan. Dit blijkt uit eerder onderzoek van M&I/Partners. In de gehandicaptenzorg heeft zo’n 40 procent van de zorgaanbieders een cliëntenportaal of is bezig met het invoeren ervan. In de ouderenzorg is dit 50 procent.

Een nadeel van cliëntenportalen is dat ze kunnen leiden tot versnippering van informatie. Vooral wanneer iemand van meerdere organisaties zorg ontvangt. Een cliënt moet bijvoorbeeld inloggen bij het portaal van zorgaanbieder A voor zijn astma en bij het portaal van zorgaanbieder B voor zijn revalidatieprogramma na een heupoperatie. Dit is niet alleen omslachtig en minder overzichtelijk, maar door de gescheiden systemen, kunnen de betrokken hulpverleners belangrijke informatie van elkaar missen.
In een pgd kan de patiënt de informatie van alle bij het zorgproces betrokken zorgaanbieders verzamelen en die informatie gericht delen. Dat voorkomt ook dat hij verhalen dubbel moet vertellen. 

Zelf pgd kiezen

Mensen kunnen zelf een pgd kiezen. Veel pgd’s worden gratis of tegen een gering bedrag aangeboden via internet. Een zorgaanbieder kan er ook voor kiezen zijn cliënten het gebruik van een pgd aan te bieden. De kosten voor het gebruik zijn dan voor rekening van de zorgaanbieder, een derde partij stelt het pgd daadwerkelijk ter beschikking. Of een gemeente kan haar inwoners een pgd aanbieden.
In het vervolg van dit artikel wordt ingegaan op de situatie dat een zorgaanbieder een pgd aanbiedt aan zijn cliënten en welke strategische overwegingen een organisatie daarbij kan maken.

Nu de druk op zorgorganisaties om kosten te besparen en transparanter te werken, wordt opgevoerd, is het belangrijk om focus aan te brengen, door op het hoogste niveau heldere strategische keuzen te maken. Dat betekent sommige dingen wel doen, andere bewust niet, zodat de beperkte tijd en aandacht die medewerkers hebben, gericht worden ingezet.

Basisstrategieën volgens Porter

Strategie is in het bedrijfsleven een belangrijk thema. In de jaren 80 ontwikkelde Michael Porter, professor aan de Harvard Business School, een vernieuwende typologie over generieke concurrentiestrategieën.
Porter stelt dat organisaties op zoek moeten naar hun concurrentievoordeel. Dit is het aspect waarop een organisatie zoveel beter scoort dan haar concurrenten, dat klanten of cliënten daarom voor deze organisatie kiezen. Dit concurrentievoordeel bepaalt vervolgens de strategie van een organisatie. Een organisatie heeft volgens Porter keuze uit drie basisstrategieën:

  1. Lagekostenstrategie: je onderscheiden van de concurrentie door goedkoper te zijn, te bereiken door standaardisatie, procesinnovatie en automatisering. Een voorbeeld is Beter Bed.
  2. Differentiatiestrategie: je onderscheiden van de concurrentie door extra toegevoegde waarde (betere service of hogere kwaliteit) te bieden aan de klant, te bereiken door innovaties of een hogere kostprijs. Bijvoorbeeld Auping.
  3. Focusstrategie: je onderscheiden door je op een specifieke doelgroep te richten (niche markt). Een voorbeeld is AKS een bedrijf dat alleen bedden maakt voor de zorgsector.

 Inzet pgd in de care

De strategische keuze van een zorgverlener is bepalend voor de manier waarop een pgd wordt ingezet. Bij de lagekostenstrategie is het doel van een pgd om de kosten van de zorgaanbieder te verlagen. Denk aan het zelf laten invullen en beheren van gegevens door cliënten, zodat er minder administratieve lasten zijn voor de organisatie. Of face-to-facecontacten vervangen door goedkopere digitale interactie met de cliënt. Bij een differentiatiestrategie is het doel van een pgd om meerwaarde te bieden aan de cliënt, om bij te dragen aan de kwaliteit van leven. De zorgaanbieder onderhoudt actief contact met de cliënt om te horen hoe het pgd wordt ervaren en om er nieuwe functies aan toe te voegen. Wanneer je als zorgorganisatie kiest voor een nichemarkt, dan wil je een pgd dat ongelooflijk goed aansluit bij jouw specifieke doelgroep. Mogelijk ga je samen met leverancier en cliënten een pgd (verder) ontwikkelen.

Kosten terugverdienen

Een pgd is een relatief nieuw product en ontwikkelingen in software zijn risicovol. Daarom geldt voor elk van de drie strategieën dat een reële inschatting van kosten en opbrengsten essentieel is. De manier waarop de kosten terugverdiend worden, verschilt per strategie. Bij de lagekostenstrategie worden de kosten terugverdiend door het proces goedkoper te maken en daarmee de marge te vergroten. Bij de differentiatiestrategie worden kosten terugverdiend door de prijs te verhogen of door het marktaandeel te vergroten. Ook bij de nichemarkt wordt het pgd terugverdiend door de prijs of het marktaandeel te vergroten, maar dan voor de specifieke doelgroep.

Waarschijnlijk zullen alle drie de strategieën niet op korte termijn ‘uit’ kunnen. Met de ontwikkeling van een pgd en de introductie ervan zijn momenteel nog behoorlijke kosten en inspanningen gemoeid. Zodra pgd’s op grotere schaal worden gebruikt – miljoenen gebruikers in plaats van honderdduizenden – dalen de kosten per persoon en kunnen investeringen terugverdiend worden.

Wanneer een organisatie voor een strategische inzet van het pgd kiest, zal zij geduld moeten hebben. Voor wie zich dat realiseert en een duidelijke strategische richting kiest, zal met een pgd zowel voor de cliënten en als voor de organisatie een antwoord hebben op de huidige uitdagingen.




Verbeter de zorg én het contact tussen medewerker en cliënt met nieuwe toepassingen!